LETTERS IN STEEN EN PORTUGAL

WELKOM - SEJA BEM-VINDO

Van Jeroen Boudens leerde ik letters in steen verwerken. Muziek bracht mij naar Portugal waar ik verliefd werd op het land, zijn inwoners en fado. Van deze passies heb ik een cocktail gemaakt, met behoorlijk wat muziek toegevoegd. Welkom op deze blog waar je hopelijk ook jouw ding vindt.

Jeroen Boudens ensinou-me a escultura das letras em pedra. A música trouxe me a Portugal onde apaixonei-me pelo paÍs, pelos habitantes e pelo fado. Destas paixões fiz um cocktail, colocando bastante música. Seja bem-vindo neste blog e espero que vá gostar. (Sou belga, então peço desculpa por erros de tradução)

31 aug. 2016

TENTOONSTELLING ‘CORPUS’ VAN HELENA ALMEIDA IN BRUSSEL
EXPOSIÇÃO ‘CORPUS’ DE HELENA ALMEIDA EM BRUXELAS
Het Museum van Hedendaagse Kunst Serralves in Porto, kondigde dinsdag aan dat de tentoonstelling van Helena Almeida, na de passage in Parijs, op 8 september zal worden ingehuldigd in Brussel, in het Wiels - Centrum voor Hedendaagse Kunst.
O Museu de Arte Contemporânea de Serralves, no Porto, anunciou esta terça-feira que a exposição de Helena Almeida vai ser inaugurada no Wiels – Centro de Arte Contemporânea de Bruxelas a 08 de setembro, depois de ter passado por Paris.

In een mededeling van het kunstencentrum staat te lezen: “De tentoonstelling, die nu kan worden bezocht door het Belgische publiek, behandelt schilderijen, fotografie, video en design van de hand van Helena Almeida uit een carrière van meer dan vijf decennia, en werd samengesteld door João Ribas, adjunct-directeur van het Museum van Serralves, en Marta Moreira de Almeida, conservator van het Museum van Serralves”.
A exposição, que agora pode ser visitada pelo público belga, aborda o trabalho de pintura, fotografia, vídeo e desenho produzido por Helena Almeida numa carreira de mais de cinco décadas, e foi comissariada por João Ribas, diretor-adjunto do Museu de Serralves, e Marta Moreira de Almeida, curadora do Museu de Serralves”, pode ler-se no comunicado enviado pela instituição.

De tentoonstelling die voor het Belgische publiek de titel ‘Corpus’ meekreeg (terwijl dit in Porto ‘Mijn werk is mijn lichaam, mijn lichaam is mijn werk’ was), zal er te zien zijn tot 11 december.
A exposição, intitulada “Corpus” para o público belga (depois de ter estado no Porto sob o título “A minha obra é o meu corpo, o meu corpo é a minha obra”), vai estar naquele espaço até 11 de dezembro.

Bij de presentatie van de expositie aan de pers, toen die in Serralves was in oktober vorig jaar, zei Suzanne Cotter, directrice van het museum, dat het ging om een “zeer belangrijke” voorstelling voor het museum. Bovendien, hoewel het niet om een retrospectieve gaat, krijgt men toch een “algemeen overzicht van haar werk en wordt echt aangetoond hoe sterk en radicaal het is”. Cotter benadrukte te hopen dat de expositie “een openbaring zou zijn voor de jongere generaties die niet de kans hebben gehad om het werk van Helena Almeida te volgen tijdens de afgelopen vijf decennia”.
Na apresentação da exposição à imprensa, quando esteve em Serralves, em outubro passado, a diretora do museu, Suzanne Cotter, disse que se tratava de uma mostra “extremamente importante” para o museu, que, apesar de não ser uma retrospetiva, apresentava uma “visão geral do seu trabalho e transmite realmente o quão fresco e radical é”. Cotter realçou esperar que a exposição pudesse ser uma “revelação para as gerações mais jovens que não tiveram a possibilidade de acompanhar o trabalho de Helena Almeida ao longo das últimas cinco décadas”.

Vanaf werken die in 1966 werden gemaakt en jaren daarna werden tentoongesteld in de Galeria Buchholz in Lissabon, tot werk uit het lopende decennium, volgt ‘Helena Almeida: Mijn werk is mijn lichaam, mijn lichaam is mijn werk’ de evolutie tijdens de decennia waarin de Portugese artieste ‘zich gewoon maakte’ haar schilderijen te bewerken vanuit de fotografie.
Desde trabalhos criados em 1966 e expostos na Galeria Buchholz, em Lisboa, nos anos seguintes até peças criadas na corrente década, ‘Helena Almeida: A minha obra é o meu corpo, o meu corpo é a minha obra’ acompanha a evolução ao longo das décadas da artista portuguesa que “habitou” as suas pinturas ao trabalhá-las a partir da fotografia.

Onder de geselecteerde werken bevinden zich stukken als ‘Ouve-me’ (‘Luister naar mij’), uit 1979, dat, aldus de museum adjunct-directrice, misschien wel “heden ten dage meer actueel” is dan in het jaar van de Iraanse Revolutie.
Por entre as obras selecionadas estão peças como ‘Ouve-me’, de 1979, que, na opinião do diretor-adjunto do museu, talvez seja “mais relevante hoje” do que no ano da Revolução Iraniana.     (bron/fonte: observador.pt/)



Helena Almeida (geboren in 1934 in Lissabon, waar ze nog steeds woont en werkt) wordt beschouwd als een van de meest vooraanstaande hedendaagse Portugese kunstenaars en is sinds de jaren 70 een belangrijk figuur in de wereld van de performatieve en conceptuele kunst.
Helena Almeida (nascido em Lisboa em 1934, onde ainda vive e trabalha) é considerada uma dos mais proeminentes artistas contemporâneos portugueses e é uma figura importante no mundo da arte performativa e conceptual desde os anos 70.


28 aug. 2016

STANDBEELD VOOR HERMAN DE CONINCK
ESTÁTUA PARA HERMAN DE CONINCK
Het standbeeld werd vandaag onthuld in de vernieuwde tuin van de Antwerpse Zoo, uitkijkend over de flamingo’s. Die fascineerden hem , net als zoveel andere dieren waaraan hij verschillende gedichten heeft gewijd. Het beeld is een werk van Elke Van Steenbergen, tegelijkertijd krachtig en broos, waardoor het perfect bij Herman’s poëzie past.
A estátua foi inaugurada hoje no renovado Jardim Zoológico de Antuérpia, com vista para os flamingos. Fascinavam-no, como tantos outros animais aos quais dedicou vários poemas. A estátua é uma obra de Elke Van Steenbergen, ao mesmo tempo poderosa e frágil, correspondendo perfeitamente com a poesia de Herman.
Foto: © GVA
Herman de Coninck was een Vlaamse dichter-essayist- journalist, neorealist en de man van schrijfster Kristien Hemmerechts. Hij werkte jarenlang als redacteur voor het weekblad Humo en overleed in 1997 op straat in Lissabon, nauwelijks 53 jaar oud, op weg naar een congres over literatuur in de Lage Landen. Hij werd slachtoffer van een hartstilstand in de Rua Marquês Sá da Bandeira (nabij het Gulbenkian museum), waar zich nu deze gedenksteen bevindt.
Herman de Coninck era um poeta-ensaísta-jornalista flamengo, neorrealisto e marido da escritora Kristien Hemmerechts. Trabalhou por muitos anos como editor da revista semanal ‘Humo’ e morreu na rua em Lisboa em 1997, com apenas 53 anos, a caminho de uma conferência sobre a literatura nos Países Baixos. Foi vítima de uma parada cardíaca na Rua Marques Sá da Bandeira (perto do Museu Gulbenkian), onde agora encontra-se esta pedra comemorativa.

Op de Portugese site ‘Poesia & Lda – Poesie Ilimitada’ wordt hij als volgt beschreven:
De Coninck, één der belangrijkste na-oorlogse Vlaamse, was ook zo’n Europese dichter – zoals Egito Gonçalves, – die de puristen danig irriteerden door hun opvallende gave om uit het op het eerste zicht dagelijkse en steriele scherpzinnige en lumineuze momenten te filteren, door het gebruik van een erg beredeneerde taal, waar humor nooit ver weg is. Het was een dichter van zijn tijd: ik veronderstel dat de lezer uit zijn werk voldoening haalt door de identificatie met hedendaagse beelden die, met ogenschijnlijke objectiviteit, uitgewerkt worden in het gedicht.”
O site portugues ‘Poesia & Lda – Poesie Ilimitada’ descreve-o assim:
De Coninck, um dos mais importantes flamengos do pós-guerra, foi mais um desses poetas europeus – como Egito Gonçalves, – que tanto incomodaram os puristas por possuir uma notável capacidade de apreender de um quotidiano aparentemente estéril e banal, instantes sagazmente luminosos, através do uso de uma linguagem com notável capacidade discursiva, onde o humor não é o menor dos seus recursos. Foi um poeta do seu tempo: a fruição do leitor na leitura dos seus poemas resulta, suponho, da identificação com imagens suas contemporâneas que, com aparente objectividade, se dão a ler no poema.”

Vorig jaar al kreeg hij een nieuw grafzerk op de begraafplaats Schoonselhof, het Antwerpse Père Lachaise. Het is een kunstwerk van Gino Tondat, dat heel toepasselijk in mozaïek werd uitgewerkt, refererend naar de Portugese straatmozaïek.
Já no ano passado foi colocada uma nova lápide no cemitério Schoonselhof, o ‘Père Lachaise’ de Antuérpia. A obra de arte de Gino Tondat foi adequadamente feito em mosaico, referendo a calçada Portuguesa.


Het werk van De Coninck werd gedeeltelijk in het portugees vertaald in de seminaries collectieve vertaling Mateus in 1994. Het werd uitgegeven door Quetzal Editores in 1996 (‘Os hectares da memória’). Hij beschreef de olifant als volgt.
A obra de De Coninck foi parcialmente traduzida em Português nos seminários de tradução coletiva Mateus em 1994. Foi editada por Quetzal Editores em 1996 (’Os hectares da Memória’). Descreveu o elefante assim.

ELEFANTE
É feito dos efeitos mais grosseiros,
usa as calças como o palhaço pobre,
os joelhos a nadar; dá passinhos de dança
como um pastelão a martelar um tanga,
enquanto o olho do cu parece
uma dentadura

acabada de tirar. E depois a tromba
e mesmo ao lado os olhos. Como é que ficariasse te pusessem a gaita no nariz?
© Herman de Coninck - Tradução coletiva Mateus
OLIFANT
Hij is gemaakt van de grofste effecten,
draagt zijn broek als clown August,
de knieën slodderend, maakt danspasjes
als tante Bertha die een tango de grond
inheit, terwijl z’n kont doet denken
aan een vals gebit

dat net is uitgenomen. En dan zijn slurf
en vlak daarnaast zijn ogen. Hoe zou jij kijken
als ze je lul op je neus gezet hadden?
© Herman de Coninck

Één van mijn geliefkoosde gedichten van Herman de Coninck:
Um dos meus poemas preferidos de Herman de Coninck:

RAPARIGA
Tu própria, que podes ter a noção e ao mesmo tempo
o atrevimento de simplesmente expor
de vez em quando uma opinião
ou um seio: quando começa isso,

e no fundo quando acaba? As mulheres
são feitas de raparigas, aos quarenta
ainda deitam a língua de fora como aos quinze,
ficam cada vez mais jovens,

não sabem não seduzir. Como a poesia:
um gato que prudentemente caminha sobre as teclas
de um piano e olha para trás:
ouviste? viste-me?

Ah, o ar jovem das raparigas de quarenta,
como umas vezes querem, e outras não,
mas afinal sempre, se repararmos bem.
Onde estão os bons velhos tempos? Estão aqui, esses tempos.
© Herman de Coninck - Tradução coletiva Mateus
MEISJE
Jezelf, het besef en meteen ook het lef
dat je dat gewoon kunt hebben en er af
en toe een mening van kunt laten zien
of een borst: hoe vroeg begint dat,

en eindigt dat eigenlijk ooit? Vrouwen
zijn gemaakt van meisjes, steken op hun
veertigste nog altijd hun tong uit van vijftien,
worden almaar even jong,

kunnen niet niet-verleiden. Zoals poëzie:
een poes die voorzichtig over een toets of tien
van een piano is gelopen en omkijkt:
heb je dat gehoord? Heb je me gezien?

0, de meisjesachtigheid van veertigjarige meisjes,
hoe ze soms willen, soms niet,
maar eigenlijk altijd, als je het maar ziet.
Waar is de tijd? Hier is de tijd.
© Herman de Coninck

26 aug. 2016

FADO VIOLADO: KRUISING VAN FADO EN FLAMENCO
FADO VIOLADO: CRUZAMENTO ENTRE O FADO E O FLAMENCO
Fado Violado, een Portugees muzikaal project dat fado met flamenco verbindt, kwam in 2008 tot stand in Sevilla, een werkstuk van Ana Pinhal en Francisco Almeida. Het resulteert uit een professionele relatie die begon bij de groep BoiteZuleika in 2002.
Beiden afkomstig uit Porto deelden al vroeg een voorliefde voor kunst, en meer in het bijzonder voor muziek. Ana Pinhal legde zich in het begin toe op Pop, Bossa Nova en Braziliaanse populaire muziek, tot ze in 2002 het koor van BoiteZuleika vervoegde, band waarmee ze zou werken tot de split in 2006.
Fado Violado, projeto musical português que interliga o fado com o flamenco, nasce em Sevilha, no ano de 2008, pelas mãos de Ana Pinhal e Francisco Almeida, sendo resultado de uma relação profissional que se iniciou em 2002 no grupo BoiteZuleika.
Ambos portuenses, desde cedo partilharam o gosto pelas artes, particularmente pela música. Ana Pinhal começou por se dedicar à canção Pop, à Bossa Nova e à MPB, até que, em 2002, integrou os coros de BoiteZuleika, banda com a qual viria a trabalhar até a sua extinção (2006).

De wil om bij te leren bracht haar ertoe om lessen muziek en zang te gaan volgen. Het eerste contact met de ‘Cante Flamenco’ werd haar aangereikt door Francisco, die al geïnteresseerd was in flamencogitaar. De nieuwsgierigheid die deze kunstvorm losmaakte bracht haar naar Sevilla, waar ze drie jaar zang ging studeren aan de Fundación Cristina Heeren. Verrassend was dat het precies in Sevilla was, misschien door heimwee, dat fado haar hart won, en in combinatie met de gitaar van Francisco werd Fado Violado geboren.
Met de groep presenteerde ze zich live in Portugal, Spanje, Frankrijk en Nederland. Naast het project Fado Violado is ze is momenteel ook vaste fadista in het ‘Casa da Mariquinhas’ in Porto en in ‘Fado in Porto’, Caves Cálem, in Vila Nova de Gaia.
O desejo de aprender mais leva-a a frequentar aulas de formação musical e canto. O primeiro contacto com o Cante Flamenco foi-lhe proporcionado por Francisco, que já se interessara pela guitarra flamenca. A curiosidade que aquela arte lhe despertou, fê-la deslocar-se para Sevilha onde, durante três anos, estudou Cante na Fundación Cristina Heeren. Surpreendentemente foi em Sevilha, talvez pela saudade, que o fado conquistou o seu coração e foi da comunhão com a guitarra do Francisco que fez nascer Fado Violado.
Com este grupo apresentou-se ao vivo em Portugal, Espanha, França e Holanda. Atualmente, além do projeto Fado Violado, é fadista residente na ‘Casa da Mariquinhas’, no Porto e no ‘Fado in Porto’, Caves Cálem, em Vila Nova de Gaia.

Haar compagnon op het podium, Francisco Almeida, begon zijn muzikale avontuur als tiener bij verschillende garage bands. Hij begon op electrische bas en als zanger, maar het was op gitaar dat hij tot zijn eerste songs kwam. Op zijn 20ste bleek muziek een professionele optie te worden wanneer BoiteZuleika enig succes haalde met ‘Cão Muito Mau’, met een veelvoud aan concertaanvragen tot gevolg.
O seu companheiro de palcos, Francisco Almeida, começou a sua aventura musical ainda adolescente, integrando várias bandas de garagem. Começou por tocar baixo elétrico e por cantar, mas foi com a guitarra que as suas primeiras canções se facilitaram. Aos 20 anos, a música revelou-se uma opção profissional, quando os BoiteZuleika logravam algum êxito com ‘Cão Muito Mau’ e os pedidos para concertos multiplicavam-se.

Op dat moment begon Francis de studie van muziek en gitaar meer serieus te nemen. In 2003 kwam hij voor het eerst in contact met flamencogitaar en volgde later diverse workshops en masterclasses in Cordoba en Sevilla. Toen hij 27 was verliet hij Sevilla, waar hij drie jaar lang flamencogitaar studeerde, ook aan de Fundación Cristina Heeren. Op dit moment, in aanvulling op Fado Violado, begeleidt Francisco Almeida de cursussen flamencodans van Catarina Ferreira, in ‘Contagiarte’, Porto.
Nessa altura, Francisco começou a levar o estudo da música e da guitarra mais a sério. Em 2003, teve o primeiro contacto com a guitarra flamenca, tendo feito, mais tarde, vários workshops e master classes em Córdova e Sevilha. Aos 27 anos rumou de novo a Sevilha onde durante três anos estudou guitarra flamenca também na Fundación Cristina Heeren. Atualmente, além de “Fado Violado”, Francisco Almeida acompanha as classes de baile flamenco da professora Catarina Ferreira, no “Contagiarte”, Porto.

In 2015 brachten ze, met behulp van crowdfunding, hun debuutplaat uit, ‘Jangada de Pedra’ (Het Stenen Vlot), want zoals in het gelijknamige boek van José Saramago, hebben ook zij een Iberische vlot gemaakt dat Portugal met Spanje verenigt, door het combineren van hun meest expressieve klanken - fado en flamenco.
Lançaram em 2015, e através de uma campanha de financiamento coletivo, o seu álbum de estreia, ‘Jangada de Pedra’, pois como acontece no livro homónimo de José Saramago, também eles criam uma jangada ibérica ao unirem Portugal e Espanha através da junção das suas sonoridades mais expressivas – o fado e o flamenco.



A ROSINHA DOS LIMÕES
Quando ela passa
franzina, cheia de graça
há sempre um ar de chalaça
no seu olhar feiticeiro.
Lá vai catita
cada dia mais bonita,
e o seu vestido de chita
tem sempre um ar domingueiro.
Passa ligeira
alegre e namoradeira
a sorrir p´ra rua inteira
vai semeando ilusões.
Quando ela passa
vai vender limões à praça
e até lhe chamam por graça
a ‘Rosinha dos Limões’.
Quando ela passa
junto da minha janela,
meus olhos vão atrás dela
até ver da rua o fim.
Com ar gaiato
ela caminha apressada,
rindo por tudo e por nada
e às vezes sorri p´ra mim.
Quando ela passa
apregoando os limões,
a sós com os meus botões
no vão da minha janela,
fico pensando
que qualquer dia por graça,
vou comprar limões à praça
e depois caso com ela.
© Artur Ribeiro
HET ROOSJE VAN DE CITROENEN
Wanneer ze passeert
slank en gracieus
is er altijd die spottende blik
in haar verleidelijke ogen.
Daar gaat ze, opgedirkt,
elke dag nog mooier
en haar katoenen jurk
heeft altijd een zondagse indruk.
Ze passeert lichtvoetig
opgewekt en flirterig
en lachend naar heel de straat
zaait ze illusies.
Wanneer ze passeert gaat ze
citroenen verkopen op de markt
en al lachend noemt men haar
het ‘Roosje van de citroenen’.
Wanneer ze passeert
langs mijn raam
volgen mijn ogen haar
tot het einde van de straat.
Met een schalkse blik
haast ze zich voort
lachend met alles en niets
en soms glimlacht ze naar mij.
Wanneer ze passeert,
haar citroenen aanprijst,
en ik zit alleen met mezelf
in mijn raamopening,
dan denk ik
één dezer dagen voor mijn plezier
citroenen te gaan kopen op de markt
en daarna trouw ik met haar.
© Artur Ribeiro - eigen vertaling


2 aug. 2016

LUISA SOBRAL TE GAST BIJ ANAQUIM
LUISA SOBRAL CONVIDADA DOS ANAQUIM

Op hun recente album ‘Um dia destes’, kan de groep Anaquim rekenen op de medewerking van Luisa Sobral voor het nummer ‘Há Sempre Qualquer Coisa’.
No álbum recente 'Um dia destes' dos Anaquim, a banda conta com a participação especial de Luísa Sobral que colabora no tema ‘Há Sempre Qualquer Coisa’.

HÁ SEMPRE QUALQUER COISA
Sempre uma questão,
eu sei que é sempre uma questão
de qualquer coisa,
de tempo, de cansaço ou embaraço, ou outro peso qualquer,
e de temer a dor que nele existe, cantamos o amor num canto triste
que embala o coração num jeito de não querer bater.

Sempre uma questão,
eu sei que é sempre uma questão
de qualquer coisa,
de anseios, incertezas ou receios
que nos fazem desistir.
E de fugir à dor que tanto arrasta, fazemos do amor canção madrasta, prelúdio de um sono sem sonhos
fácil de dormir.

Se eu acordar já,
sem chorar, sem temer,
talvez possa esquecer,
talvez saiba sorrir.
Se eu acordar já,
sem este ar derrotado,
talvez vença a teu lado
o temor de existir.

Sempre uma questão,
eu sei que é sempre uma questão
de anseios, incertezas ou receios,
e de fugir à dor que tanto arrasta, prelúdio de um sono sem sonhos
fácil de dormir.

Se eu acordar já,
sem chorar, sem temer,
talvez possa esquecer,
talvez saiba sorrir.
Se eu acordar já,
sem este ar derrotado,
talvez vença a teu lado
o temor de existir.

Mas se eu acordar já,
sem chorar, sem temer,
talvez possa esquecer,
talvez tenha outro olhar.
Mas se eu acordar já,
sem este ar derrotado,
talvez vença a teu lado
o meu medo de amar.
© José Rebola
ER IS ALTIJD WEL IETS
Het is altijd een kwestie,
ik weet dat het altijd een kwestie is
van wat dan ook,
van tijd, vermoeidheid of verlegenheid,
of zomaar een ander probleem,
en van vrees voor de pijn die erbij hoort,
we bezingen de liefde in een droevig lied
dat het hart bijna overtuigt om
niet verder te kloppen.

Het is altijd een kwestie,
ik weet dat het altijd een kwestie is
van wat dan ook,
van verlangen, onzekerheid en angst
die ons doen opgeven.
En om de pijn die ons meesleept te ontlopen,
maken we van de liefde een wreed lied
voorbode van een droomloze nacht
gemakkelijk om te slapen.

Als ik al wakker word,
zonder huilen, zonder angst,
kan ik misschien vergeten,
misschien zelfs glimlachen.
Als ik al wakker word,
zonder deze verslagen houding,
overwin ik misschien aan jouw zijde
de angst om te bestaan.

Het is altijd een kwestie,
ik weet dat het altijd een kwestie is
van verlangen, onzekerheid en angst,
en om de pijn die ons meesleept te ontlopen, voorbode van een droomloze nacht
gemakkelijk om te slapen.

Als ik al wakker word,
zonder huilen, zonder angst,
kan ik misschien vergeten,
en misschien zelfs glimlachen.
Als ik al wakker word,
zonder deze verslagen houding,
overwin ik misschien jouw zijde
de angst om te bestaan.

Maar als ik al wakker word,
zonder huilen, zonder angst,
kan ik misschien vergeten,
misschien bekijk het dan anders.
Maar als ik al wakker word,
zonder deze verslagen houding,
overwin ik misschien aan jouw zijde
mijn angst om lief te hebben.
© José Rebola - eigen vertaling