LETTERS IN STEEN EN PORTUGAL

WELKOM - SEJA BEM-VINDO

Van Jeroen Boudens leerde ik letters in steen verwerken. Muziek bracht mij naar Portugal waar ik verliefd werd op het land, zijn inwoners en fado. Van deze passies heb ik een cocktail gemaakt, met behoorlijk wat muziek toegevoegd. Welkom op deze blog waar je hopelijk ook jouw ding vindt.

Jeroen Boudens ensinou-me a escultura das letras em pedra. A música trouxe me a Portugal onde apaixonei-me pelo paÍs, pelos habitantes e pelo fado. Destas paixões fiz um cocktail, colocando bastante música. Seja bem-vindo neste blog e espero que vá gostar. (Sou belga, então peço desculpa por erros de tradução)

24 apr. 2013


MANUEL FREIRE EN 25 APRIL
MANUEL FREIRE E O 25 DE ABRIL
In 1942, exact 32 jaar voor de Anjerrevolutie werd Manuel Augusto Coentro Pinho Freire geboren in de buurt van Aveiro. Hij bracht zijn eerste EP uit in 1968 maar ontsnapte niet aan de censuur van het Salazar-regime. Wat later zette hij ‘Pedra Filosofal’ op plaat, een gedicht van António Gedeão. Deze hymne aan de vrijheid en de droom was eigenlijk een aanklacht tegen de dictatuur maar glipte door de mazen van de censuur en leverde hem in 1970 de prijs van de pers op. Het wordt als één van de ‘April-songs’ en symbool van de revolutie van 25 april beschouwd. Wat er ook van zij, het is en blijft een tijdloos mooi nummer.
(bron/fonte: youtube.com/watch?v=9r6FqT7F1s0)

Em 1942, exatamente 32 anos antes da Revolução dos Cravos, perto de Aveiro nasceu Manuel Augusto Coentro Pinho Freire. Ele lançou seu primeiro EP em 1968, mas não escapou da censura do regime de Salazar. Algum tempo depois gravou ‘Pedra filosofal’, um poema de António Gedeão. Este hino à liberdade e ao sonho era de facto um protesto contra a ditadura, mas passou pelas malhas da censura e rendeu-lhe o Prémio da Imprensa em 1970. É considerado uma das Canções de Abril e um símbolo da revolução do 25 de Abril. Seja como for, ainda é uma música intemporalmente bela.

 
Pedra Filosofal
eles não sabem que o sonho
é uma constante da vida
tão concreta e definida
como outra coisa qualquer
como esta pedra cinzenta
em que me sento e descanso
como este ribeiro manso
em serenos sobressaltos,
como estes pinheiros altos
que em verde e oiro se agitam
como estas aves que gritam
em bebedeiras de azul
eles não sabem que o sonho
é vinho, é espuma, é fermento
bichinho álacre e sedento
de focinho pontiagudo
que fossa através de tudo
num perpétuo movimento
eles não sabem que o sonho
é tela, é cor, é pincel
base, fuste, capitel
arco em ogiva, vitral
pináculo de catedral
contraponto, sinfonia
máscara grega, magia
que é retorta de alquimista
mapa do mundo distante
rosa-dos-ventos, Infante
caravela quinhentista
que é cabo da Boa Esperança
ouro, canela, marfim
florete de espadachim
bastidor, passo de dança
Colombina e Arlequim
passarola voadora
pára-raios, locomotiva
barco de proa festiva
alto-forno, geradora
cisão do átomo, radar
ultra-som, televisão
desembarque em foguetão
na superfície lunar
eles não sabem, nem sonham
que o sonho comanda a vida
que sempre que um homem sonha
o mundo pula e avança
como bola colorida
entre as mãos de uma criança
                          © António Gedeão
 
Steen der wijzen
zij weten niet dat dromen
een constante in het leven is
zo concreet en omschreven
als eender wat
zoals deze grijze steen
waarop ik zit te rusten
zoals deze vredige rivier
met zijn serene deining
zoals deze hoge dennen
die in groen en goud wiegen
zoals deze vogels die krijsen
in bedwelmend blauw
 
zij weten niet dat dromen
wijn is, schuim, ferment,
een levendig en dorstig diertje
met spitse snuit
dat  alles omwoelt
in een oneindige activiteit
 
zij weten niet dat dromen
het canvas is, kleur, penseel
wortel, tronk, kapiteel,
spitsboog,  brandglas
pinakel op de kathedraal
contrapunt, symphonie,
Grieks masker, magie,
distilleerkolf van de alchemist is,
landkaart van een verre wereld
windroos, de Infant,
zestiende-eeuws karveel
Kaap de Goede Hoop is
 
goud, kaneel, ivoor
floret van de schermer
kader, danspas
Pierrot en Harlekijn
vliegend luchtschip,
bliksemafleider, locomotief
opgetooid schip
hoogoven, generator
atoomsplitsing, radar
ultrageluid, televisie
een ruimtetuig dat landt
op het maanoppervlak
 
zij weten niet, noch vermoeden zij
dat dromen het leven stuurt
dat  telkens iemand droomt
de wereld met stukken mooier wordt
als een gekleurde bal
in de handen van een kind
                                   © António Gedeão  - eigen vertaling




12 apr. 2013


CRISTINA EN HET WOORDENSPEL VAN CHICO
CRISTINA E O JOGO DE PALAVARAS DE CHICO
Op de laatste cd van Cristina Branco (‘Alegria’) staat een opmerkelijke cover, met name het nummer ‘Construção’. De Braziliaanse artiest zette het in 1971 op zijn gelijknamige LP en het wordt beschouwd als één der beste Braziliaanse nummers aller tijden.

Misschien ook actueler dan ooit, Rio de Janeiro staat immers onder immense druk om zijn patrimonium te renoveren in het licht van de komende Wereldbeker voetbal in 2014 en de Olympische Spelen in 2016.

 Cristina Branco - Construção (bron/fonte: youtube.com/watch?v=jZypM7pPeeo)


Chico Buarque - Construção (bron/fonte: youtube.com/watch?v=jzWI_JjFBr0)


No último álbum de Cristina Branco (‘Alegria’) encontra-se um cover notável, a saber o tema ‘Construção’. O artista brasileiro gravou-o no seu LP homónimo em 1971 e é considerada uma das melhores canções brasileiras de todos os tempos.
Talvez ainda mais relevante do que nunca, Rio de Janeiro está sob imensa pressão para renovar o seu património à luz da próxima Copa do Mundo de futebol em 2014 e dos Jogos Olímpicos em 2016.

Construção
Amou daquela vez como se fosse a última
Beijou sua mulher como se fosse a última
E cada filho seu como se fosse o único
E atravessou a rua com seu passo tímido
Subiu a construção como se fosse máquina
Ergueu no patamar quatro paredes sólidas
Tijolo com tijolo num desenho mágico
Seus olhos embotados de cimento e lágrima
Sentou pra descansar como se fosse sábado
Comeu feijão com arroz como se fosse um príncipe
Bebeu e soluçou como se fosse um náufrago
Dançou e gargalhou como se ouvisse música
E tropeçou no céu como se fosse um bêbado
E flutuou no ar como se fosse um pássaro
E se acabou no chão feito um pacote flácido
Agonizou no meio do passeio público
Morreu na contramão atrapalhando o tráfego
Amou daquela vez como se fosse o último
Beijou sua mulher como se fosse a única
E cada filho como se fosse o pródigo
E atravessou a rua com seu passo bêbado
Subiu a construção como se fosse sólido
Ergueu no patamar quatro paredes mágicas
Tijolo com tijolo num desenho lógico
Seus olhos embotados de cimento e tráfego
Sentou pra descansar como se fosse um príncipe
Comeu feijão com arroz como se fosse o máximo
Bebeu e soluçou como se fosse máquina
Dançou e gargalhou como se fosse o próximo
E tropeçou no céu como se ouvisse música
E flutuou no ar como se fosse sábado
E se acabou no chão feito um pacote tímido
Agonizou no meio do passeio náufrago
Morreu na contramão atrapalhando o público
Amou daquela vez como se fosse máquina
Beijou sua mulher como se fosse lógico
Ergueu no patamar quatro paredes flácidas
Sentou pra descansar como se fosse um pássaro
E flutuou no ar como se fosse um príncipe
E se acabou no chão feito um pacote bêbado
Morreu na contra-mão atrapalhando o sábado
                                               © Chico Buarque
Bouwwerk
Hij vrijde die keer als was het de laatste keer
Zoende zijn vrouw als was het de laatste
En elk van zijn kinderen als wat het zijn enige
Stak de straat over met zijn verlegen pas
Klom op het bouwwerk als was hij een machien
Metste op de overloop vier stevige muren
Steen op steen in een magische tekening
Zijn ogen wazig door cement en tranen
Zette zich te rusten als was het zaterdag
At zijn rijst met bonen als was hij een prins
Dronk en snikte als was hij een drenkeling
Danste en lachte als hoorde hij muziek
Struikelde in het zwerk als was hij beschonken
En zweefde door de lucht als was hij een vogel
En stuikte op de grond als een slappe bundel
Lag te zieltogen op de openbare weg
En stierf tegenrichting het verkeer blokkerend
Hij vrijde die keer als was hij de laatste
Zoende zijn vrouw als was zij de enige
En elk van zijn kinderen als was het de verloren zoon
Stak de straat over met zijn beschonken pas
Klom op het bouwwerk als was het stevig
Metste op de overloop vier magische muren
Steen op steen in een logische tekening
Zijn ogen wazig door cement en verkeer
Zette zich te rusten als was hij een prins
At zijn rijst met bonen als was hij de max
Dronk en snikte als was hij een machien
Danste en lachte als was hij de volgende
Struikelde in het zwerk als hoorde hij muziek
En zweefde door de lucht als was het zaterdag
En stuikte op de grond als een verlegen bundel
Lag te zieltogen op de ondergelopen weg
En stierf tegenrichting het publiek blokkerend
Hij vrijde die keer als was hij een machien
Zoende zijn vrouw als was het logisch
Metste op de overloop vier slappe muren
Zette zich te rusten als was hij een vogel
En zweefde door de lucht als was hij een prins
En stuikte op de grond als een beschonken bundel
En stierf tegenrichting de zaterdag blokkerend
                    © Chico Buarque - eigen vertaling

1 apr. 2013

HELENA SARMENTO: FADO UIT PORTO

HELENA SARMENTO: FADO DO PORTO

Deze fadista is afkomstig van Lamego maar leeft en werkt in Porto. Naast haar werk als advocate is ze gepassioneerd door muziek. Op haar dertiende zong ze bij een rock-band, maar toen ze Amália ontdekte viel ze voor fado. De eerste cd van Helena, ‘Fado Azul’, kwam uit in 2011 en zopas stelde ze, in eigen beheer,  haar tweede voor: ‘Fado dos dias assim’.
Ze zingt werk van o.a. José Afonso en Vinicius de Moraes, maar de meeste van de zestien nummers zijn traditionele fados waarop voor haar nieuwe teksten geschreven werden door João Gigante-Ferreira.
De musicoloog Rui Vieira Nery formuleerde het als volgt:
“Helena Sarmento is niet de 2de Amália, of een 3de Hermínia, noch een 4de Fernanda Maria: zij is de 1ste Helena Sarmento. (…) We horen traditionele fados, reeds door zovelen gezongen, maar het geeft de indruk dat ze heruitgevonden werden, het geeft een  gevoel van iets nieuws.”
De eerste live-voorstelling van de nieuwe cd is geprogrameerd in het kader van het ‘Belém Art Fest 2013’, een concert op 5 april in het Museu da Presidência.
Het nummer ‘Fado Aritmético’ ter illustratie. Een nieuwe tekst van João Gigante-Ferreira op de muziek van Carlos Gonçalves, waarop Amália het nummer “Fui ao mar buscar sardinhas” schreef en zong. Een erg luchtige manier om het over iets zo ernstigs als de Liefde te hebben.


video
(bron/fonte :  youtube.com/watch?v=569DnyzE_8E) 

Esta fadista nasceu em Lamego, mas vive e trabalha no Porto. Além de seu trabalho como advogado é apaixonada por música. Aos treze anos era vocalista de uma banda de rock, mas quando  descobriu Amália apaixonou-se pelo fado. ‘Fado Azul’, o primeiro álbum de Helena, saiu em 2011 e recentemente lançou o seu segundo trabalho independente ‘Fado dos Dias Assim’.
Canta obra de José Afonso e Vinicius de Moraes, mas a maioria dos 16 temas são fados tradicionais , servidos inteiramente por palavras novas escritas para si por João Ferreira Gigante.
O musicólogo Rui Vieira Nery formulou assim:
“A Helena Sarmento não é a 2ª Amália, nem a 3ª Hermínia, nem a 4ª Fernanda Maria: é a 1ª Helena Sarmento. (…) Ouvimos fados tradicionais, cantados já por tanta gente, mas temos a sensação de eles estarem a ser reinventados, temos a sensação do novo.”

A primeira apresentação ao vivo do novo CD está programado no Belém Art Fest 2013, um concerto no Museu da Presidência, 5 de Abril.
Para ilustrar, o tema ‘Fado Aritmético’. Um novo texto de João Gigante Ferreira para a música de Carlos Gonçalves, na qual Amália escreveu e interpretou ‘Fui ao mar buscar sardinhas’. Uma forma divertida de falar dessa coisa tão séria que é o Amor.


Fado Aritmético    
(Letra: João Gigante-Ferreira
     Música: Carlos Gonçalves)
Do amor nunca se sabe
No amor o que acontece
Só do fogo que em nós arde
Quando o sonho aparece
Quando o sonho se persiga
Quando o sonho se não esquece
Quando no sonho se viva
No amor nunca se sabe
No amor quem não se esquece
Antes que o amor acabe
Quem no amor aparece

Sigo praças e avenidas
Sigo ruas e vielas
Fecho os olhos nas subidas
As descidas são mais belas
Os cabelos a acenar
Caem beijos nas estrelas
As gaivotas sobre o mar
Tudo gira tudo roda
O coração não tem norte
Faz-se dia a noite toda
A quem o amor importe
  
Quatro mãos bem apertadas
Quatro lábios fazem par
Quatro pernas de mãos dadas
Tabuadas ao luar
Os desejos multiplicam
Os beijos são de somar
Sem conta os corpos ficam
Restos da conta de amar
Descoberta a equação
Resolvida com rigor
Ninguém sabe a solução
Do problema do amor
       © João Gigante-Ferreira

Rekenkundige fado  
(Tekst: João Gigante-Ferreira
     Muziek: Carlos Gonçalves)
Met de liefde weet je nooit
wat er in de liefde gebeurt
Alleen het vuur dat binnenin brandt
Als de droom verschijnt
Als de droom achtervolgt
Als de droom niet vergeten raakt
Als je in een droom leeft
In de liefde weet je nooit
Wie er  niet vergeten raakt
Voor de liefde overwaait
Wie erin verschijnt
 
Ik loop langs pleinen en lanen
Langs straten en stegen
Bergop sluit ik mijn ogen
De afdalingen zijn mooier
Met wuivende haren
Kussen slaan op de sterren in
De meeuwen boven de zee
Alles draait en tolt
Het hart kent het noorden niet
En ’s nachts is het dag
Voor wie de liefde kent
  
Vier handen verstrengeld
Vier lippen vormen een paar
Vier benen hand in hand
Bij het maanlicht vermenigvuldigen
Tafels de verlangens
De kussen worden opgeteld
Lichamen worden niet gerekend
De rest van het beminnen
Het vinden van de vergelijking
Nauwkeurig opgelost
Niemand weet de oplossing
Van het probleem van de liefde
    © João Gigante-Ferreira  - eigen vertaling